Wijzigingen per taakveld

Volkshuisvesting, ruimtelijke ordening en stedelijke vernieuwing

3.9.1 Wijzigingen

8 Volkshuisvesting-ro-stedelijke vernieuwing

Begroting voor VJR

Wijziging

Begroting na VJR

2022

2022

  N/V

2022

Lasten

11.302

5.628

  N

16.930

Baten

-7.985

-5.376

  V

-13.361

Saldo van baten en lasten

3.316

252

  N

3.569

Bedragen x 1.000 euro

8 Volkshuisvesting-ro-stedelijke vernieuwing

Taakveld

2022

2023

2024

2025

LASTEN

Verzamelbesluit / financiële rechtmatigheid

1. Grondexploitatie jaarschijf 2022

8.2

4.628

N

4.628

N

4.628

N

4.628

N

2. Programmamiddelen Binnenstad 2022

8.3

250

N

3. Budget initiatieffase projecten

8.3

150

N

Diverse bijstellingen

4. Kapitaallasten

8.1/8.2

-0

V

5. Extra inzet omgevingsvergunningen

8.3

600

N

Totaal mutaties lasten

5.628

N

4.628

N

4.628

N

4.628

N

BATEN

Verzamelbesluit / financiële rechtmatigheid

1. Grondexploitatie jaarschijf 2022

8.2

-4.626

V

-4.626

V

-4.626

V

-4.626

V

Diverse bijstellingen

6. Hogere opbrengst omgevingsvergunningen

8.3

-600

V

7. Legesopbrengsten Omgevingswet en Wkb

8.3

-150

V

Totaal mutaties baten

-5.376

V

-4.626

V

-4.626

V

-4.626

V

Bedragen x 1.000 euro

Toelichting wijziging

Verzamelbesluit / financiële rechtmatigheid
1.    Grondexploitatie jaarschijf 2022

Het Besluit Begroting en Verantwoording (BBV) schrijft voor dat grondexploitatiebegrotingen minimaal één keer per jaar worden geactualiseerd. Per eind 2021 zijn de grondexploitatiebegrotingen geactualiseerd. De jaarschijf 2022 uit de geactualiseerde grondexploitatiebegrotingen is verwerkt in deze voorliggende voorjaarsrapportage. Er is sprake van mutaties op de hoofdtaakvelden 0 Bestuur en ondersteuning, 3 Economie en 8 Volkshuisvesting, ruimtelijke ordening en stedelijke vernieuwing. Per saldo budgettair neutraal.

2.    Programmamiddelen Binnenstad 2022

Bij de programmabegroting 2019 is voor het jaar 2022 650.000 euro beschikbaar gesteld voor programma Binnenstad. Hiervan was 250.000 euro geraamd op hoofdtaakveld 0 Bestuur en ondersteuning. Deze middelen worden administratief toegevoegd aan het programmabudget en worden om die reden overgeheveld van hoofdtaakveld 0 Bestuur en ondersteuning naar dit hoofdtaakveld.

3.    Initiatieffase projecten stadsontwikkeling

Vanaf de begroting 2021 is een bedrag van 150.000 euro opgenomen voor dekking van personele inzet om een projectvoorstel te maken of voor potentiële projecten die na de initiatieffase worden beëindigd. Dit om adequaat in te kunnen spelen op kansrijke initiatieven en mogelijkheden in de stad. Dit bedrag wordt overgeheveld van hoofdtaakveld 0 Bestuur en ondersteuning.

Diverse bijstellingen
4.    Kapitaallasten

De kapitaallasten zijn herrekend op basis van de werkelijke boekwaarden per 1 januari 2022. Omdat een aantal investeringsprojecten lager uitvalt danwel later tot uitvoering komt, is er sprake van een onderuitputting op de kapitaallasten. Deze onderuitputting valt incidenteel vrij.

5.   Extra inzet omgevingsvergunningen

Er komen zeer veel bouwaanvragen binnen voor zowel woning- als utiliteitsbouw. Het verhoogde werkaanbod leidt tot achterstanden en uiteindelijk tot overschrijdingen van wettelijke termijnen waarbinnen een bouwaanvraag moet worden afgehandeld. Derhalve is verhoging van de inzet noodzakelijk. Deze extra inzet kan gedekt worden uit verwachte meeropbrengsten van de leges.

6.   Hogere opbrengsten omgevingsvergunningen

Het Klantcontactcentrum ontvangt een uitzonderlijk hoog aantal bouwaanvragen voor zowel woning- als utiliteitsbouw. De oorzaak daarvan is niet eenduidig. Mogelijke verklaringen zijn: de (recente achterliggende) hoogconjunctuur, beschikbaarheid van kavels voor woning- en utiliteitsbouw en de lage stand van de hypotheekrente.

7.   Legesopbrengsten Omgevingswet en Wkb

De Omgevingswet en de Wet kwaliteitsborging voor het bouwen (Wkb) hebben gevolgen voor de lasten en baten van de leges. Hiertoe hebben wij in de begroting 2022 op basis van een financiële impactanalyse de raming van de legesopbrengsten vanaf 2022 voorzichtigheidshalve neerwaarts bijgesteld. Nu de inwerkingtreding van de Omgevingswet is verschoven naar 1 januari 2023, vervalt deze bijstelling voor het jaar 2022. De uiteindelijke financiële gevolgen voor de leges zijn mede afhankelijk van gemeentelijke beleidskeuzes met betrekking tot dienstverlening en de tariefstelling. Naar verwachting in het tweede kwartaal van 2022 vindt hierover bestuurlijke besluitvorming plaats.

Deze pagina is gebouwd op 07/18/2022 14:38:55 met de export van 07/18/2022 14:21:34